Steeds meer Nederlanders brengen een deel van hun leven in het buitenland door. Dat heeft gevolgen voor hun AOW-uitkering. Wie tijdens zijn werkzame leven niet altijd in Nederland heeft gewoond of gewerkt, krijgt later namelijk minder AOW. Dat meldt de Sociale Verzekeringsbank (SVB), die de uitkeringen uitvoert.
De AOW wordt opgebouwd in de jaren dat iemand in Nederland woont of werkt. Voor elk jaar dat je verzekerd bent, bouw je een stukje van je pensioen op. Wie een tijd in het buitenland heeft gewoond of gewerkt, mist dus een deel van die opbouw en krijgt later een lagere uitkering.
Dat gebeurt bijvoorbeeld bij mensen die jarenlang in het buitenland hebben gewerkt, een bedrijf buiten Nederland hebben gehad of op latere leeftijd naar Nederland zijn verhuisd. Ook Nederlanders die na hun pensioen in het buitenland gaan wonen, kunnen met andere regels en controles te maken krijgen.
Minder AOW kan leiden tot extra steun
Omdat een lagere AOW soms niet genoeg is om van rond te komen, kunnen sommige ouderen een extra uitkering krijgen. Deze regeling, de Aanvullende inkomensondersteuning ouderen (AIO), vult het inkomen aan tot het sociaal minimum.
Het aantal ouderen dat zo’n aanvulling nodig heeft, groeit snel. De SVB moet daarbij controleren of mensen bijvoorbeeld nog inkomsten of bezittingen in het buitenland hebben. Dat maakt het werk ingewikkelder, zeker omdat de organisatie ook kampt met personeelstekorten.

Wonen in het buitenland zorgt voor meer controles
Steeds meer gepensioneerden kiezen ervoor om na hun pensioen in het buitenland te wonen. Voor de SVB is het dan lastiger om te controleren hoe iemands situatie precies is. Zo moet worden vastgesteld of iemand alleen woont of samen met een partner, omdat dat invloed heeft op de hoogte van de AOW.
Alleenstaanden krijgen ongeveer 70 procent van het minimumloon als AOW, terwijl gehuwden ieder ongeveer de helft ontvangen. Volgens de SVB sluiten deze regels niet altijd goed aan bij moderne samenlevingsvormen en zijn ze moeilijk te controleren in andere landen.
Steeds meer AOW’ers over de grens
Nederland telt ongeveer 4,6 miljoen AOW-gerechtigden. Daarvan wonen er zo’n 340.000 in het buitenland. De SVB verwacht dat dit aantal de komende jaren verder stijgt tot ongeveer een half miljoen in 2043.
Door deze ontwikkeling wordt het voor de uitvoeringsorganisatie steeds moeilijker om alle uitkeringen goed te regelen. Vooral de combinatie van internationale situaties en ingewikkelde regels zorgt voor extra werk.
Oproep om regels eenvoudiger te maken
De SVB wil daarom dat de wetgeving rond de AOW eenvoudiger wordt, zodat sneller duidelijk is waar mensen recht op hebben. Het kabinet wil het systeem van sociale zekerheid mogelijk vereenvoudigen, maar concrete plannen zijn er nog niet.
Ook wordt gekeken naar aanpassing van de regels rond samenlevingsvormen binnen de AOW. Daarnaast wil het kabinet de AOW-leeftijd sneller verhogen, waardoor het aantal nieuwe gepensioneerden minder snel groeit.
Volgens de SVB ligt de grootste uitdaging vooral bij de ingewikkelde regels. Als duidelijker wordt waar mensen recht op hebben, maakt het volgens de organisatie minder uit hoeveel AOW’ers er zijn.













