De groep Nederlanders die afhankelijk is van een bijstandsuitkering groeit opnieuw. Tegelijkertijd stijgen de uitkeringen zelf ook dit jaar, al is het de vraag of mensen daar in de praktijk echt meer koopkracht door krijgen. Door hogere prijzen voor onder meer wonen, energie en boodschappen blijft financiële druk voor veel huishoudens groot.
Meer mensen aangewezen op bijstand
Steeds meer Nederlanders doen een beroep op de bijstand, de uitkering voor mensen die niet genoeg inkomen of vermogen hebben om zelfstandig rond te komen. Voorwaarde is onder meer dat iemand geen recht heeft op andere uitkeringen, minimaal 18 jaar oud is en rechtmatig in Nederland verblijft.
Volgens cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek nam het aantal bijstandsontvangers in 2025 opnieuw toe. Eind september van dat jaar ontvingen ongeveer 408.000 mensen een algemene bijstandsuitkering. Dat is ruim 1 procent meer dan een jaar eerder. De stijging past in een trend die sinds de tweede helft van 2023 zichtbaar is.
Hoewel het aantal oploopt, ligt het nog altijd lager dan tijdens de coronaperiode begin 2021. Toen zorgden lockdowns en economische onzekerheid voor een sterke toename van mensen zonder werk of inkomen.
Vooral meer jongeren in de bijstand
De groei is vooral zichtbaar onder jongvolwassenen. Het aantal bijstandsgerechtigden tussen 18 en 27 jaar nam relatief sterk toe, met ruim 5 procent. Ook onder mensen van 27 tot 45 jaar was een lichte stijging zichtbaar. Bij 45-plussers bleef het aantal vrijwel stabiel.
Dat juist jongeren vaker in de bijstand terechtkomen, wordt vaak in verband gebracht met onzeker werk, tijdelijke contracten en stijgende woonkosten. Voor starters op de arbeidsmarkt is het daardoor lastiger om financieel zelfstandig te blijven.

Hoe hoog is de bijstand in 2025 en 2026?
De hoogte van de bijstand is gekoppeld aan het minimumloon. Omdat het minimumloon in 2026 opnieuw is verhoogd, stijgen de uitkeringen automatisch mee. Toch betekent een hogere uitkering niet altijd dat mensen er daadwerkelijk op vooruitgaan, omdat ook de kosten van levensonderhoud blijven stijgen.
De bedragen verschillen per leefsituatie. Alleenstaanden ontvangen minder dan samenwonenden of gehuwden, omdat de kosten worden geacht te worden gedeeld.
Bijstand (netto per maand, afgeronde bedragen):
Samenwonend of getrouwd (21 jaar tot AOW-leeftijd)
2025: ongeveer €1.955
2026: circa €1.997
Alleenstaand (21 jaar tot AOW-leeftijd)
2025: ongeveer €1.369
2026: circa €1.398
Samenwonend of getrouwd (AOW-leeftijd)
2025: ongeveer €2.095
2026: circa €2.139
Alleenstaand (AOW-leeftijd)
2025: ongeveer €1.530
2026: circa €1.562
Deze bedragen worden normaal gesproken twee keer per jaar aangepast: op 1 januari en 1 juli.
Lagere uitkering voor jongeren onder 21
Voor jongeren van 18 tot 21 jaar gelden andere regels. Zij ontvangen een lagere uitkering, omdat ouders volgens de wet nog financieel verantwoordelijk zijn voor hun kinderen in deze leeftijdsgroep. Deze zogenoemde jongerennorm ligt daarom duidelijk onder de standaardbedragen.
Stijgende uitkering, maar blijft het genoeg?
Hoewel de bijstand in 2026 iets hoger ligt dan vorig jaar, blijft de discussie bestaan of de uitkering voldoende is om van te leven. Door de stijgende kosten van levensonderhoud ervaren veel huishoudens nog steeds financiële druk. De komende periode zal moeten blijken of de verhoging daadwerkelijk leidt tot meer bestaanszekerheid.













